Molens in Wormerveer
Boerwinkel.info
Introductie
Wormerveer
Wormerveerders
Wormerveer vanaf de Prins Clausbrug
De laatste Wormerveerse molen
Overzicht
Fotogalerij
Wessanen & Laan (van 1765 tot 1940)
De papierindustrie
De cacao-industrie
Post!
Contact
Sitemap
Uitgelicht: Het Witte Paard
Oliemolen Het Witte Paard
Windbrief/Bouwjaar: 6-9-1634

In 1626 verkocht Jan Huybertsz. "onse mede-broeder int schepenampt" het zuidelijkste deel van zijn erf, nl. "een entgen Zaendijck gelijck het affgedoelt is leggende op de hoeck van de Wormer tusschen Wormerveer en die zaendijck" voor fl. 316,=. De koper is "Dirck Jansz. Gijsen tot Sanerdam". Op 6 september 1634 wordt aan hem de windbrief uitgereikt voor een oliemolen die "het Witte Paard" werd genoemd. Met deze molen heeft Wormerveer al heel weinig bemoeienis gehad. In zijn bedrijf opgevolgd door zijn zoon Pieter Dirksz. Gijsen bleef de molen ook daarna steeds in het bezit van Kogers en Zaandijkers. Op 10 mei 1721 treedt Gijsbert van Elsiant met de "olijmolen Het Witte Paart" in een der assurantiecontracten. In 1795 bleek de olieslagerij van de familie Honigh ook met de de molen "Het Witte Paard" te werken. Ook werkten zij met o.a. de molens "De Koperslager" en "Het Vette Schaap" net over de grens van Wormerveer en Zaandijk. In dat jaar werd het bedrijf overgenomen door Klaas Adriaansz. Honigh, de zoon van Cornelis Asz.

De molen kwam in 1877 aan J. J. Korthals te Amsterdam. Deze verkocht het "Witte Paard" in 1893 aan Jacob van den Berg, koopman in granen te Wormerveer, die de molen in 1894 liet slopen en de schuren als pakhuis bleef gebruiken. In 1907 verkocht hij dit pakhuis aan Bloemendaal & Laan, die, na het perceel vele jaren voor opslag te hebben gebruikt, het liet slopen om op deze plaats een modern oliehuis te laten bouwen.

Het bij de molen behorende woonhuis, ten zuiden daarvan gelegen en dat daarmede steeds overging, kwam tegelijkertijd in handen van deze firma. Op het erf daarvan waren in later tijd nog enkele kleine huizen gebouwd alsmede een werkplaats, waarin N. Rem Tz. zijn kistenmakerij is begonnen, in 1904 uitgebreid met een fabriek daartegenover over de dijksloot. Deze laatste is sinds 1954 eigendom van de N.V. Ver. Textiel- en Oliefabrieken en doet dienst als laboratorium.

De molen stond aan weg en Zaan, ten zuiden van de oliefabriek De Toekomst. Voorheen was er een sloot, die naar de molen was vernoemd en die liep vanaf de boerderij van boer Koel achterlangs de marechausseekazerne, langs de Oost-Indischekade (waar nu het plantsoen is) tot aan de spoordijk.

De molen is herbouwd in 1894 als achtkante bovenkruier met stelling te Nieuwe Niedorp. Hij kwam in de plaats van zijn voorganger aldaar, die door brand verwoest werd. Zijn functie was te dienen als korenmolen. Hij werd gesloopt in 1922 en er resteert nog een achtkante stenen onder-bouw tot stellinghoogte met plat dak. Het is nu een bergplaats.

Molens A - G
Uitgelicht: De Vergulde Bijenkorf
Uitgelicht: De Witte Bijl
Uitgelicht: De Oude Blauw
Uitgelicht: De Eenhoorn
Uitgelicht: De Engel
Molens H - R
Uitgelicht: De Bonte Kraai
Uitgelicht: De Noordster
Uitgelicht: Het Witte Paard
Uitgelicht: De Rozenboom
Molens S - Z
Uitgelicht: De Witte Vlinder
Uitgelicht: De Zwarte Vlinder
Uitgelicht: Het Jonge Vool
Uitgelicht: De Jonge Voorn
Uitgelicht: De IJver
Uitgelicht: De Zaanstroom