Molens in Wormerveer
Boerwinkel.info
Introductie
Wormerveer
Wormerveerders
Wormerveer vanaf de Prins Clausbrug
De laatste Wormerveerse molen
Overzicht
Fotogalerij
Wessanen & Laan (van 1765 tot 1940)
De papierindustrie
De cacao-industrie
Post!
Contact
Sitemap
Molens A - G

Wipmolen Het Jonge Aafke
Windbrief/Bouwjaar: niet bekend

Op 16 mei 1895 werd dit molentje in openbare veiling verkocht met het stukje land waarop het stond uit de nalatenschap van Neeltje Kooy Jacobs, weduwe van Pieter Veenis. Koper werd Mathijs de Wit voor fl. 210,=. Het molentje - een lattenzager - is kort daarna gesloopt. 
Het heeft gestaan aan de Zwartsloot in het veld, bewesten de Noorddijk.

De Zwartsloot liep langs het vroegere Schermerland (nu Zeeheldenbuurt), aan het eind waarvan de molen uiteraard latten zaagde. De molen werd ook wel het "molentje van Koper" genoemd. Zij stond in de nabijheid van de verfmolen "De Noordstar".


Oliemolen De Groene Arend 
Windbrief/Bouwjaar: 14-5-1649

Windbrief aan Engel Jacobsz., d.d. 14 mei 1649. Werd op 22 juni1670 ingeschreven in een assurantiecontract ten name van Cornelis Willemsz. Bij veiling van een stuk land, het Mangleventje, op 29 februari 1664, wordt de molen genoemd als belending. Op 20 februari werd hij verkocht voor fl. 2.360,=. In 1804 werd de molen verkocht voor afbraak. Het gaande werk was niet bij de koop inbegrepen. Molen en schuur brachten fl. 1.300,= op. Hij heeft gestaan aan en beoosten de Nauernasche Vaart, tegenover de Noordersluis van Krommenie. Een bult op de Vaartdijk markeert vermoedelijk die plaats nog.

Bij de oliemolen was een sluis gelegen, die de Groene Arendsluis werd genoemd. Deze gaf toegang tot de polder Westzaan ter hoogte van het huidige recreatiepark Wormerveer. De sluis werd reeds bij het graven van de Nauernasche Vaart (1633-1634) aangelegd.

De naam ontstond 15 jaar later toen in zijn nabijheid oliemolen "De Groene Arend" werd geplaatst. Doordat het belang van de sluis steeds geringer werd (hij werd zelden gebruikt), is hij aan het begin van de 19e eeuw geruimd.


Houtzaagmolen De Jonge Bakker (ook wel genoemd De Twee Goede Vrienden)
Windbrief/Bouwjaar: niet bekend
Type: wagenschotzager ; bovenkruier

Bestond al in 1670. Komt geregeld voor op de lijst der windgelden voor een bedrag van fl.10,= per jaar en voorts in de verpondingsregisters en de maatboeken. Eigenaren waren onder andere Claes Willemsz. Backer, Jan Bakker en de weduwe van Dirk Jansz. Bakker. Nadat de molen enige tijd had stilgestaan, werd hij in 1745 afgebroken, naar Maasland vervoerd en aldaar herbouwd. Vermoedelijk is de windbrief van deze molen in het ongerede geraakt, want Klaas Willemsz. Backer kreeg in 1719 een andere, gedateerd 18 april 1719. De molen heeft gestaan ten oosten van de Nauernasche Vaart, dus tegenover Krommenie, op dat gedeelte van Wormerveer dat destijds onder Krommenie ressorteerde.


Oliemolen De Bezem (ook wel genoemd De Bezemmaker)
Windbrief/Bouwjaar: 21-1-1682

Dat laatste zal wel zijn geboortenaam zijn. Windbrief uitgereikt aan Wouter Gerritsz., op 21 januari 1682, die de helft van deze molen op 15 januari 1694 ter veiling presenteert. Geboden werd fl. 2.455,=. Hij is gesloopt in 1896. "De Bezem" heeft gestaan aan de Zaan, buitendijks, ten noorden van de oliefabriek De Tijd.
De windbrief was ook bestemd voor Pieter Woutersz, Jan Claesz. Prins en Dirck Claesz. Valck. Laatstgenoemde was ook "besemmaecker", vandaar de molennaam. Ook Evert Smit was in 1813 eigenaar, totdat in 1843 Wessanen & Laan voor fl. 8.000,= zowel "De Besem" als "De Bonte Kraai" aanschafte. De molen werd in 1881 aan Maarten Verwer uit Knollendam weer van de hand gedaan.
Olieslager op "De Bezem" is onder andere Garmit Claesz. Kuyper geweest, die op het vroegere erf van Nayer met zijn gezin een huis bewoonde.
In 1896 was 't met "De Bezem" gedaan. Zijn molenschuur en die van "De Bonte Kraai" werden in 1975 naar de Zaanse Schans overgebracht, waar u nu rustig een kopje koffie kunt drinken in "De Kraai". U zult er dan waarschijnlijk niet bij stilstaan dat bijvoorbeeld in 1865 de heren K.Ris, G.Siekerman, D.Hildering, J.Wormer en A.Mosterd in dat pakhuis of in de molen echt heel andere dingen deden. Zij hadden meestal wel wat anders te doen dan koffie drinken.


Oliemolen De Boer 
Windbrief/Bouwjaar: ca 1685

Deze molen is gebouwd in 1685 en de eerste windbrief kreeg Cornelis Dircksz. de Boer in handen. Hij heeft even ten westen van "De Boerin" gestaan en ook langs de Zaan, tot omstreeks 1814. In de verdere geschiedenis duikt nog een "De Boer" op. Aris Jansz. en Jan Jansz.Groen zijn eigenaars en vandaar misschien de molennaam "De Groene Boer", waarvan de laatste eigenaar Tijs Cornelisz. Kaan was. Op het vrijgekomen land van molen "De Groene Boer" staat nu de fabriek "De Ster" met als naam......."De Groene Boer".
Volgens het boek "Wessanen Laan" zagen de gebroeders Laan blijkbaar wel iets in het vak van olieslager, want reeds in 1842 volgt de aankoop van oliemolen "De Groene Boer". Deze wordt weliswaar in het volgende jaar weer van de hand gedaan, doch slechts om plaats te maken voor de beide in 1843 tezamen, voor fl. 8.000,= gekochte molens "Bezem" en "Bonte Kraai". Achtereenvolgens komen hier nog bij in 1844 "De Witte Bijl", in 1845 "De Boerin". Verder werd in 1845 vergunning gevraagd en verkregen voor het inrichten van o.a. molen "De Bonte Kraai" tot pelmolen. Deze aanvraag werd vermoedelijk slechts gedaan teneinde bewegingsvrijheid te verkrijgen, want van de vergunning is nooit gebruik gemaakt.


Oliemolen De Groene Boer (ook wel genoemd De groenteboer)
Windbrief/Bouwjaar: 13-3-1685

Windbrief uitgereikt aan Claes Aryansz. en Aris Jansz. op 13 maart 1685. In de oudste assurantiecontracten is deze molen niet aangetroffen. Werd in 1733 in zo'n contract opgenomen ten name van Tijs Jacobsz. Kaan, die hem in 1728 had gekocht van Gaeff Woutersz. de Jong. Gesloopt omstreeks het jaar 1814. Hij heeft gestaan aan de Zaan, buitendijks bij de Noorddijk. Op zijn plaats staat nu de fabriek De Ster.

Deze molen heeft gestaan op de plaats van "De Boer". In tegenspraak tot het bovenstaande vermeldt Corn.Smit in De Windbrief van de Zaanse Molen (maart 1992) dat Aris Jansz. en Jan Jansz.Groen de eigenaars zijn van de nieuwe molen op die plek en vandaar wellicht de naam van "De Groene Boer", waarvan de laatste eigenaar Tijs Cornelisz. Kaan was. Op het vrijgekomen land van "De Groene Boer" bouwde de gemeente een loods ten dienste van de gemeente-reiniging. Alles verdween later weer en nu staat daar de fabriek De Ster en de naam van het pakhuis luidt.......De Groene Boer.


Oliemolen De Boerenjongen 
Windbrief/Bouwjaar: 10-6-1695

De windbrief is uitgereikt aan Pieter Woutersz., molenaar c.s., d.d. 10 juni 1695. De molen was, na eerst opgenomen te zijn geweest in andere assurantiecontracten, tenslotte verzekerd in het Olieslagerscontract. Deze verzekering werd vÙÙr 14 juni 1814 beÁindigd. De molen was toen gesloopt. Van zijn lading is aangetekend: "na 20 december 1809". Mogelijk heeft de molen dus enkele jaren stilgestaan, alvorens tot sloop is overgegaan. Zijn standplaats was aan de Noorddijk, aan de Zaan. Het was de tweede molen ten noorden van de oliefabriek "De Tijd". De molen is waarschijnlijk gesloopt in 1812. Na Pieter Woutersz. waren Aldert Pietersz. Wout en Michiel de Groot eigenaar van "De Boerenjongen". Papiermaker Klaas Ris wilde ook wel eens wat anders en ging met de molen olieslaan. Gerrit de Lange uit Krommenie betaalde in 1772 zelfs fl. 8.350,= voor de molen. Het molenaarshuis van de molen kende een lang leven want in 1967 was dat nog ten noorden van "De Kikkert" te vinden. 
Benoorden het molenaarshuis bevond zich het caf¾ "De Noordpool" waar zich tot zijn sloop in 1920 heel wat taferelen zullen hebben afgespeeld. De arbeiders van molens en ook fabrieken meenden na gedane arbeid met hun pas ont-vangen loon daar eerst uitgebreid "op te steken". Hun toegesnelde vrouwen dachten alleen maar aan het toen karige huishoudgeld en probeerden manlief tot andere gedachten te brengen. Die bebouwing verdween tenslotte allemaal en op het grote open terrein werd later pakhuis Londen gebouwd. In de jaren 1921-1927 had dat de functie van margarinefabriek. Daarna kreeg het andere bestemmingen.


Oliemolen De Boerin 
Windbrief/Bouwjaar: 23-10-1691

De windbrief is uitgereikt aan Cornelis Gerrit Simonsz., d.d. 23 oktober 1691. Op 9 januari 1704 biedt Claes Dircksz. Root 3/8 parten, min 1/64 paertie, in deze molen te koop aan. Een bod van fl. 1.400,= wordt niet gegund. Gesloopt in 1898. Zijn schuur en onderbouw heeft nog tot na de tweede wereldoorlog gestaan aan de Noorddijk, ten noorden van de oliefabriek "De Tijd" in de bocht naar Knollendam. 
Hero Volder was eigenaar in de periode 1755-1788. Hij liet toen aan de Zaanweg 49 een nieuw huis bouwen, waar aan de achterkant een gevelsteen is te zien met een afbeelding van "De Boerin". Op het erf van de molen was tot 1917 een scheepswerf gevestigd, waarbij de werfbaas in het nu nog aanwezige huis op de hoek woonde. Met de oliemolens ging het rond 1840 niet goed en dat was de reden, dat Jan Pietersz. Couwenhoven zijn zoons voorhield, dat zij na zijn dood moesten stoppen met dit bedrijf. Zijn oudste zoon Jan, geboren 1 december 1812, die oliemolen "De Kerkuil" te Wormer in 1841 van zijn vader had overgenomen, werkte tegelijkertijd met "De Boerin". Toen Jan Pz. Couwenhoven op 1 oktober 1845 overleed, erfde Jan Jz. o.a. ook "De Boerin". Couwenhoven stopte met de olieslagerij, zoals zijn vader hem geadviseerd had, en verkocht de molen voor fl. 2.800,= aan Jan en Adriaan Laan, die ook nog voor fl. 420,= aan gereedschappen en goederen overnamen.


Oliemolen De Bok 
Windbrief/Bouwjaar: ca 1631
(vanaf ca 1803 papiermolen)

Over zijn bouwjaar hebben we geen absolute zekerheid, maar de Blafferd van de ambachtsheerlijkheid Westzaan van 1729 vermeldt van "De Bok", als enige Wormerveerse oliemolen, een windrecht van fl. 5,=, vervallend elk jaar op Kerstmis. En dit zou kunnen verwijzen naar de windbrief, die op 4 juni 1631 werd verleend aan Jan Jansz.de jonge. De molen werd op 21 mei 1699 opgenomen in een assurantiecontract ten name van Sijmon Nanningsz. Wennis en Pieter Jansz. Lelij ("in compagnie"). Later was hij verzekerd in het olieslagerscontract en bleef dat tot 10 augustus 1803. Hij is daarna papiermolen geworden.
Op 5 september 1840 verbrandde de droogschuur en het werkhuis van de molen, doch deze bleef zelf behouden. Het Papiermakerscontract keerde fl. 13.400,= schadevergoeding uit. De molen werd in 1863 of 1864 gesloopt. Mogelijk ook 1858. De schuren bleven bestaan en hebben nog jaren gediend als werkhuis. Ouden van dagen en andere behoeftige mensen werden daarin, tegen geringe lonen, arbeid verschaft.
De molen heeft gestaan in het veld, achter het naar de molen genoemde "Bok z'n pad" ("Het Boksenpad"), nu Sluispad, ten zuiden van de Marktstraat en benoorden de spoorweg, vlakbij het voormalige ziekenhuis aan de Paul Krugerstraat.


Mosterdmolen De Boonakker 
Windbrief/Bouwjaar: 22-2-1749
(daarna poedermolen en vanaf ca 1813 cacaomolen De Jonge David)

Behalve mosterdmolen was hij tevens poedermolen en weer later cacaomolen. Windbrief verleend aan Jan Willemsz. Boon, d.d. 22 februari 1749. De molen werd op 16 februari 1799 verkocht aan Volkert Alting, voor fl. 1.050,=. Op 11 augustus 1809 werd de molen door de bliksem getroffen en ging in vlammen op. Er volgde herbouw en later verandering van bestemming. De molen werd ingericht tot het verwerken van cacaobonen.Op 24 september 1860 verbrandde de molen voor een tweede maal. 
Hij heeft gestaan achter het Schoolpad, ten noor-den van de Zuider Sluissloot. De laatste eigenaar was Jacob Boon. 
Het leven was hard op de molens, wat blijkt uit het volgende. Een molenaar had 54 jaar gewerkt op "De Jonge David", maar de laatste 3 jaar onder een andere baas. Hij werd te oud en kon vertrekken zonder dat hij een cent ouderdomsuitkering kreeg.


Oliemolen De Dolfijn 
Windbrief/Bouwjaar: voor 1683

Deze molen staat aangegeven op het kaartje in het Gedenkboek van het Olieslagerscontract, maar behoorde niet tot de verzekerde molens. In de aantekeningen van J.W.Groot komt "De Dolfijn" deze molen voor, als zijnde aangetroffen in het Rijksarchief te Haarlem, anno 1683 zijnde een oliemolen, buitendijks aan de Noorddijk ten zuiden belend door de oliemolen "De Kikker", wat overeenkomt met de aangegeven plaats op het bovengenoemde kaartje. In andere stukken is niets gevonden betreffende deze molen, die wellicht al vroegtijdig verdwenen is.


  
Molens A - G
Uitgelicht: De Vergulde Bijenkorf
Uitgelicht: De Witte Bijl
Uitgelicht: De Oude Blauw
Uitgelicht: De Eenhoorn
Uitgelicht: De Engel
Molens H - R
Uitgelicht: De Bonte Kraai
Uitgelicht: De Noordster
Uitgelicht: Het Witte Paard
Uitgelicht: De Rozenboom
Molens S - Z
Uitgelicht: De Witte Vlinder
Uitgelicht: De Zwarte Vlinder
Uitgelicht: Het Jonge Vool
Uitgelicht: De Jonge Voorn
Uitgelicht: De IJver
Uitgelicht: De Zaanstroom